Gaan bouwers particuliere woningen verduurzamen?

dinsdag 17 april 2018

Laatst stond ik weer in een IKEA-file. Verbazingwekkend hoe een winkel zo’n aantrekkingskracht op particulieren kan hebben. Ze krijgen de spullen niet aangesleept. Betaalbaar en leuk, aan alles gedacht; dat is de kracht van de IKEA-formule. IKEA heeft een enorme gunfactor opgebouwd, hoewel je zelf de producten nog elkaar moet sleutelen. De file maakte wel duidelijk dat IKEA meer dan voldoende aantrekkingskracht heeft op haar klanten.

Wat kan de bouw- en installatiesector leren van dit IKEA-model voor verduurzaming van de Nederlandse particuliere woningvoorraad?  Hier ligt immers een flinke urgentie en uitdaging voor de komende tientallen jaren.

Onze bouwers hebben blijkbaar niet zo’n aantrekkelijke propositie en gunfactor dat particulieren in rijen voor hun verduurzamingsshowrooms staan. Bij de meeste bouwers merk ik weinig enthousiasme om de particuliere verduurzamingsmarkt op te gaan. Ze vinden de acquisitiekosten hoog en storen zich aan irritant shopgedrag van eigenwijze consumenten. Hun medewerkers (en hun families) zijn niet bereid om 24 uur per dag klaar te staan voor telefoontjes. Bovendien lijkt de klant zich niet zo bewust van verduurzaming en heeft hij gewoon niet die ’18 duizend euro’ per woning tot zijn beschikking. Het lijkt duidelijk dat de overheid toch serieuze stimulansen moet gaan aanbrengen om de particuliere woningbezitter op zijn minst aan het denken te zetten. Ik zie de belastingverhoging op gasgebruik en de NOM-subsidie al aan de horizon. Amsterdam is al begonnen met financiële prikkels.

Maar dan nog blijft het de vraag of de huidige bouwbedrijven kunnen voorzien in een ‘onweerstaanbare propositie’.  Het IKEA-model van zelf de handen uit de mouwen steken is niet helemaal weggelegd voor woningrenovatie, of toch?

Particulieren hebben vaak specifieke woningen en specifieke wensen. Ze kijken naar kosten en naar waarde. Bovendien moet de investering draagbaar zijn. Maar in de huidige werkwijze kost alleen een nieuw dak al meer dan 10.000 euro. En dan moeten de gevels en de kozijnen nog gebeuren. We hebben het dan nog niet over de vervanging van de installaties, die volgens IKEA-principes foutloos en zonder gedoe voor de klant worden geleverd.

Industrialisatie en standaardisatie moeten hier een grote betekenis krijgen. We maken van de hele straat een project, in plaats van elke woning apart aan te pakken. Dan kunnen we de aansluitdetails tussen de woningen met elkaar regelen, en slimme dingen van elkaar overnemen. Dat maakt ook dat ontwerp en uitvoeringsdisciplines nauw met elkaar moeten samenwerken.

Ik zie concepten verschijnen van een tijdelijke wijkfabriek. Met bewoners in de lead, die onder begeleiding van deskundigen hun eigen dak en gevel ontwerpen. Ze maken gebruik van open source bibliotheken, met inspirerende en betrouwbare componenten. Ze kopen zelfs zelfstandig in. In de wijkfabriek voeren deskundige uitvoerders de kwaliteitsregie. Bewoners leveren samen arbeid aan de daken en gevels, die worden voorgefabriceerd door specialistische leveranciers. Alle handjes kunnen worden gebruikt, en van mensen van de voormalige sociale werkvoorziening (SROI). De componenten worden na de deskundige eindcontrole in een logistiek proces in de straten ingebouwd. De hele straat maakt gebruik van 1 of  2 kranen, waarmee niet alleen kosten worden bespaard, maar waar met een goede planning de overlast in de straat kan worden beperkt.

Hier een beeld van de ‘nieuwe renovatieaannemer’. Niet met een ploeg vaklieden, maar met een faciliterende en deskundige rol richting een collectief van bewoners. Met een open source ontwerp van daken en gevels worden er steeds meer slimmigheden geïntegreerd in de open source bibliotheek, waarvoor gemakkelijker vergunningen worden verstrekt. Big data zorgt voor steeds betere oplossingen.

Gaan alle particulieren mee in deze propositie? Vast niet. Maar als je deze boot mist, ben je in de toekomst waarschijnlijk veel duurder uit. Dus worden er veel particulieren meegezogen in deze renovatiestroom.

De nieuwe renovatiemanager houdt het midden tussen een aannemer, een bouwmaterialenhandel, een ontwerpbureau en een omgevingsmanager. Best een lastig nieuw profiel. De nieuwe renovatieaannemer staat in de markt op basis van zijn deskundigheid, organisatiegraad en faciliteiten. En daar ontvangt hij een mooie vergoeding voor. Maar er is volop werk voor tenminste 30 jaar.

Meer weten?

Wilt u meer weten over nieuwe partijen voor particuliere verduurzaming? Neem dan contact op met Balance & Result. Bel (0570-628474) of e-mail Paul Kuijpers (p.kuijpers@balance-result.nl).

One thought on “Gaan bouwers particuliere woningen verduurzamen?”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Wij delen graag onze opinies met u om samen stappen te zetten in deze veranderende wereld.